Recensies

Er verschenen enkele recensies over Minnaar leugenaar moordenaar. Ik geef enkele voorbeelden:

Recensies op HEBBAN:

https://www.hebban.nl/boek/minnaar-leugenaar-moordenaar-william-van-vooren#reviews

https://www.hebban.nl/recensie/vero13-over-minnaar-leugenaar-moordenaar?fbclid=IwAR3-pZH8g5aN0RFXd6ARogvEUU1MQskXYdK0_2GD9x7sWRVNM_gtu0cjNB0

Een recensie op LEESKOST.NL

https://www.leeskost.nl/?p=18557

Ik vind het een goede recensie maar ben het met een detail eruit niet eens. De recensent schrijft: Dat de schrijver toch geen allround bankdeskundige is, verstoort enigszins een belangrijke passage waarin Marc rondloopt met een rugtas met daarin drie miljoen dollar in coupures van $50 en $100. Dat past nooit in een grote rugtas. Als je heel erg propt krijg misschien $900.000 in een grote koffer. Voor drie miljoen dollar heb je minstens vier of vijf koffers nodig. Daarmee wordt het vakantieverhaal wel erg fictief.

Ik beschrijf de bagage van Marc Verbeeck en het geld dat hij meeneemt op pagina 25. Hij stopt het in een rugzak, een pilotenkoffer en een valiesje en ik laat hem het geld – euro’s trouwens – in verschillende koffers opbergen op pagina 29 als hij aangekomen is in Palermo. Ik geef duidelijk aan dat het merendeel bestaat uit coupures van 500 euro en een kleiner bedrag “voor dagelijks gebruik” uit kleinere coupures.

Ik heb geprobeerd in te schatten wat het gewicht en het volume is van een dergelijke som. Een miljoen in biljetten van honderd euro maakt een stapel van meer dan een meter hoog. Dat kan inderdaad niet in de koffers. Maar een miljoen in biljetten van vijfhonderd euro weegt nog maar 2,24 kilo en is maar 22 centimeter hoog, 16 cm lang en 8,2 cm breed. Daarom denk ik dat de verschillende coupures die Verbeeck meeneemt wel degelijk in de bagage kunnen, zoals ik ze mij voorstel:

Uiteindelijk is dit maar een detail dat m.i. het geheel van het verhaal niet hypothekeert. Ik heb er geen moeite mee om in een eventuele tweede druk duidelijker aan te geven dat er vooral biljetten van 500 euro in de bagage zitten.

De recensie van Jos van Cann op Biblion klinkt als volgt:

De titel is de kortst mogelijke samenvatting van het verhaal over de Vlaamse zakenman Marc Verbeeck, een gokverslaafde fraudeur. Zijn frauduleuze beleggingsfirma gaat failliet en dus vlucht hij naar Sicilië, waar zijn hebzucht hem in de armen van de maffia jaagt, maar hij vindt er ook zijn grote liefde. Als ook dat misloopt, zoekt Verbeeck naar een mogelijkheid om zich te wreken, al moet hij daarvoor wel zelf vuile handen maken en over lijken gaan. Maar dat moet dan maar. Deze debuutthriller van Van Vooren (1953) is onevenwichtig. De plotidee is prima, maar de uitwerking laat te wensen over. In het begin is er vaart, maar wanneer de hoofdpersoon op Sicilië aankomt, wordt dat minder en maakt plaats voor (soms te) gedetailleerde beschrijvingen. Dat leidt af van de verhaallijn, die zich overigens een paar keer herhaalt. De afrekening op het (open) einde zorgt wel voor een dreigende ondertoon, maar die kan het voorgaande niet redden.

Ik heb heel bewust een verhaal waarin heel veel gebeurt, gecombineerd met sfeerschepping en uitdieping van het karakter van enkele personages. Ik heb dit expliciet zo gewild, omdat dit de dualiteit weergeeft van Sicilië. Als toerist merk je de aanwezigheid van de maffia niet. Het is een prachtig eiland met een betoverende natuur en een ongelooflijke archeologische rijkdom. Een paradijs. De georganiseerde misdaad maakt zich voor de buitenwereld zo onzichtbaar mogelijk. Je merkt die enkel door research, zoeken, navragen of er wonen of lang verblijven of er het slachtoffer van te worden. Het naast elkaar plaatsen van die twee realiteiten is een keuze waar ik blijf achter staan.

Als het over herhaling(en?) gaat, dan zie ik er maar één: de proloog is, zoals tegenwoordig heel dikwijls in films, een “flash forward”. Wanneer de gebeurtenissen uit de proloog voorvallen in de loop van het verhaal, worden die verkort (in amper 15 regels) hernomen. Ik vind dit functioneel noodzakelijk.

Ik kan het standpunt van de recensent best aanvaarden vanuit de rangschikking van het boek onder de NUR-code 305 / literaire thriller. De uitgever en ik hebben lang getwijfeld of het onder deze code moest gerangschikt worden, dan wel 330 / spannend boek (algemeen). Uiteindelijk heb ik gekozen voor literaire thriller, hoewel dit een zeer moeilijke en vaak gecontesteerde categorie is.

Recensie van Daniëlle Gemmel op http://www.booksandwords.be/

Toen ik de cover voor het eerst zag, trok die mij niet zo aan. Voor wie mij kent, ik ben een gevoelige en romantische dromer… Maar na het lezen van dit boek, vind ik dat de cover de lading dekt. De prachtige, zonnige huizen, de kalasjnikov en het geld wijzen duidelijk op wat er zich allemaal in het verhaal afspeelt. Toen ik begon te lezen, werd ik direct meegesleept in het verhaal.

De proloog trekt je mee naar een gloeiendhete dag in Napels. Mark Verbeeck heeft net iemand doodgeschoten. Hij beseft het nog maar amper. Als lezer wil je weten wat er gebeurd is en waarom… Het is een kort stukje van verder in het verhaal. Achteraf herkende ik het. Daarna komen er 20 redelijk lange hoofdstukken met een titel die wat vertelt over wat gaat komen… Net lang genoeg.

Het verhaal zit heel goed in elkaar. Ik zag alles zoals in een film voor mijn ogen langskomen. Ik wilde telkens verder lezen om te weten wat er nu met Mark gebeurde. Er is een hoge actiesnelheid. Je verveelt je geen moment.

Ik voelde duidelijk dat hij de plaatsen waarover hij schrijft, heel goed kende. Hij beschreef alles heel nauwkeurig. Het was alsof ik door de straten met hem wandelde. Ik keek door zijn ogen en eigenlijk kroop ik in zijn hoofd. Mark Verbeeck is een man die je ofwel onmiddellijk haat of toch begrijpt. En ik moet eerlijk zeggen dat ik met hem meevoelde. Ik was verbaasd van mezelf want uiteindelijk doet die man veel slechte dingen en gedraagt hij zich erg hard tegenover veel mensen. Maar toch zet de auteur ook een gevoelige en liefhebbende man en vader neer. Die gevoelens worden wel niet breed uitgeschreven maar ik voelde ze toch. Het is een kunst om met weinig woorden een bepaalde sfeer op te wekken. Ik merk wel een verschil in vertelwijze bij een man of bij een vrouw. Ik wil niet seksistisch doen, maar ik ben gewoon van vrouwelijke auteurs te lezen en dat verschilt toch duidelijk bij een mannelijke auteur. (Alhoewel er ook mannen zijn die heel goed gevoelens kunnen omschrijven.) Hij beschrijft sommige zakelijke dingen heel erg, soms zo erg dat ik erover heen las. Dingen over de bancaire wereld bv. Dat interesseerde mij niet zo. De beschrijvingen van de omgevingen vond ik dan wel weer aangenaam. Ik leefde ook erg mee met wat hij allemaal moest meemaken. Het verbaasde mij wel dat hij zich twee keer liet vangen door die vrouwen. Maar ja, er bestaan ook heel gevaarlijke en slechte vrouwen.

Om de lezer nog meer informatie te geven over de situatie en gebeurtenissen in het verhaal, staan er ook verschillende krantenknipsels in. Hier komt de journalistieke gave boven van onze auteur. Dat is ook in een licht ander lettertype weergegeven.

De personages die mij het meest raakten, waren: Mark Verbeeck, omdat hij als mens van het ene in het andere rolde en zich op verrassende wijze telkens kon aanpassen aan de situaties. Ondanks de zware feiten die hij op zijn kerfstok heeft, vind ik hem heel menselijk en voel zelfs wat sympathie voor hem. Elena Rosso, de kleindochter van de Dottore (hoofd van de maffia-familie). Zij heeft een vurige, sterke persoonlijkheid, een echte Siciliaanse. Zij wil zich losmaken van haar familie, maar wordt er telkens weer naartoe gedreven. Zal zij zich kunnen losmaken? De Dottore zelf vond ik ook een interessante persoon. In zulke maffia verhalen vraag ik mij steeds af hoe iemand zo kan uitgroeien tot een kille en harde man, met toch nog een sprankeltje gevoel…

Ik was ook verrast toen ik naar het einde van het verhaal iets las over Mark’s vrouw Gerda, die iets traumatisch meemaakte op haar reis in Sicilië dat aanleiding was tot haar ongeval. Die twee verhaallijnen komen samen en brengen klaarheid in Mark’s gedachten. Dit zal hem aanzetten tot één van zijn grootste daden in dat Maffia milieu. Maar ik verklap niet wat het is, want ik vind het goed gevonden.

Ik zou dit verhaal dus niet echt een thriller noemen, maar veeleer een roman met thrillerallures (zoals William mij tijdens een chat zei.) Ik vind dat goed gezegd. Er zijn verschillende thema’s die hier aan bod komen: de prachtige natuur van dit eiland met een rijk archeologisch verleden, een rijke waaier aan vakantiegenoegens en de zwarte realiteit van de Maffia.

Het einde van het verhaal liet mij wat op mijn honger zitten want ik wou weten wat er nog verder gebeurde met zijn vrouw Elena en hun kinderen. Het is een open einde, net een cliffhanger in een feuilleton. Nog enkele krantenartikels in de Epiloog en de cliffhanger. Achteraan vind je ook nog een kaart van Sicilië met de plaatsen die de auteur geïnspireerd hebben om dit verhaal te schrijven. Er is ook een stamboom van de familie Rosso. Heel interessant om te bekijken: zo zag ik de personages nog eens passeren als puzzelstukjes in een grote puzzel, de puzzel van die machtige maffiafamilie.

Ik ben dus ook heel blij te kunnen melden dat de auteur aan een vervolg schrijft. Deze wil ik graag lezen.